Levensbeeld …

Ik ben nu van middelbare leeftijd. Tenminste, ik geloof dat dat wel zo is met 45 jaar. Als ik 90 jaar word, dan heb ik nog eens 45 jaar te gaan.
En ik kan terug kijken op mijn eigen leven. En hoe het is gegaan. Wat waren voor mij vroeger de belangrijkste dingen om te bereiken op de leeftijd die ik nu heb?

Ik heb in mijn leven verschillende ‘beelden’ van het leven gecreëerd. De eerste krijgen we automatisch mee vanuit de maatschappij. Huisje, tuintje, boompje, beestje. (Zo zeg ik het altijd) Als kind ga je er van uit, zonder er echt over nagedacht te hebben, dat je op zoek gaat naar een partner, om daar een gezin mee te stichten. Je gaat nadenken, over welk werk je wilt gaan doen, en alles blijkt mogelijk.

En dan kom je in de pubertijd. Langzamerhand wordt je richting volwassenheid geduwd. En hier begin mijn beeld dat ik had, te verkleuren. Nog steeds niet bewust, net als het beeld, het plaatje dat ik had gecreëerd, ook onbewust tot stand was gekomen.

Mijn beeld zag er ongeveer uit als dit:
Een goede opleiding volgen, na mijn HAVO, zodat ik ergens aan het werk kon, waar ik dan een vast contract kreeg, zodat ik een huis kon kopen op later termijn.
Ik zou eerst op mij zelf gaan wonen, en dan veel van mijn vrienden over de vloer hebben. Gezellig samenzijn na werk of in de weekenden.
Ik zou dan een baan krijgen, waar ik steeds een hogere functie kreeg, omdat ik bleef leren. En dan een goed loon zou hebben, om leuke dingen te ondernemen, of leuke dingen aan te schaffen. Ik zou dan iemand ontmoeten die echt bij mij zou passen. En we zouden dan kinderen krijgen. En we zouden ons huis zo verbouwen dat het praktisch, leuk, en helemaal van ons zelf was.
En met onze vrienden zouden we gaan raften of andere leuk vakanties samen ondernemen.
Ik had een koffie bar bedacht in mijn huis. Want ik ben gek op koffie.
En dan oud worden met mijn partner, waar ik mijn kinderen mee heb, die dan langs zouden komen, en vertellen over hoe zij het doen in hun leven.

Ik had ook bedacht, dat ik nooit zo hard zou werken als mijn ouders. Die echt 24/7 bedrijven runden. Ik miste hun, en ik zou er voor mijn kinderen wel zijn. Toch had ik een grote zorg. Ik wist dat het voor mij moeilijk zou worden. Ik was toen 15 jaar, toen ik deze gedachten kreeg. De gedachte dat ik het nooit 24/7 zou redden. Ik zou nooit zo kunnen zijn als mijn ouders. Altijd in beweging. Ik was toen al zo moe, en zo vaak.

Op mijn 21e ging ik op mij zelf wonen. En de eerste maanden waren leuk. Helaas wilde het vriendje, wat ik destijds had, ook bij mij inwonen. Gevoelsmatig wilde ik dat helemaal niet. Ik voelde het als beklemmend. Ik voelde een druk op mijn borst. Maar, je bent jong, en je gooit het op andere dingen.
Na twee jaar zat ik weer thuis bij mijn ouders. Alleen. En weer mijn grootste zorg, hoe zorg ik dat ik aan het werk blijf, zonder steeds zo moe te zijn? Ik begreep andere mensen niet. Die kwamen uit het werk, en gingen het huishouden doen, of in de tuin aan het werk, of naar een sportschool.
Als ik thuiskwam van het werk, ging ik op de bank liggen, en viel ik gelijk in slaap, want ik was zo zo zo ontzettend moe. En ik had op mijn werk heel erg mijn best moeten doen, om mijn ogen open te houden.

De juiste studie had ik nog niet gevonden, het juiste werk was nog niet in zicht, maar ik bleef doorgaan met leren en werken. En dat met vriendjes lukte ook niet echt. Ik voelde me alleen beter en sterker, dan met een partner. Ik was vrij, en vrij zijn voelde goed.

Toen kwam mijn ICT traject. Ik kreeg weer een vriend en ging samen wonen. Ik kreeg verschillende banen in de ict via detachering. Mijn vriend bleek niet de partner te zijn, waarmee ik oud wilde worden, en hij vond mijn vriendin ook leuker. Dus op mijn 30e kon ik opnieuw helemaal overnieuw beginnen.
Geen vrienden, geen huis, geen baan. En weer thuis bij ouders.

En daar was de draai weer. Ik kreeg een baan, en twee jaar later kon ik mijn woning kopen. Ik werkte en leerde. Probeerde mijn huishouden te doen, maar echt vrienden waren er niet. Wel collega’s waar ik wel eens mee optrok. Maar ik miste een vriendin. Een vriendin die ik door en door kon vertrouwen, en waar ik volledig mezelf kon zijn. En zij kwam toen ik 35 was. We zijn nu zo’n 10 jaar vriendinnen. We zijn ook achternichten. We kenden elkaar via verhalen, en toen we elkaar uiteindelijk tegenkwamen, was er de klik.

Op mijn 37 verloor ik mijn baan. Ik was te vaak ‘ziek’. Ik probeerde nog een heel ander soort opleiding, de zorg. Maar dat was dan ook mijn nekslag. In 2010 heb ik de handdoek in de ring gegooid.
Ik kon niet meer. En ik kon ook niet meer bedenken hoe het wel moest. Want, wat ik ook deed, ik bleef moe, had geen zin in werken, was te moe om naar familie en vrienden te gaan. En mijn huishouden verslodderde voor mijn ogen. Ik was het kwijt.
Ik koos ervoor om alles op het spel te zetten. Mijn huis, mijn principes, mijn trots. Ik besloot dat ik niets meer had, dan alleen mezelf. Ik zocht hulp, en liet hun vertellen. Ik luisterde en deed. Ik probeerde niet betweterig en moeilijk te zijn, maar open en buigzaam.

En mijn plaatje werd: 3 jaar psychische hulp, 2 jaar solliciteren, en dan ben ik weer aan het werk.

Het is nu 2018. Het was 5 jaar psychische hulp, 3 jaar op zoek naar werk, en nu ik wel stil moet staan, zie ik hoe beeldmatig aan de gang ben geweest.
Continu grip op het leven willen houden, door een beeld te creëren en daar mijn focus op te leggen.

Dus… ik heb gefaald. Geen kids, geen partner, geen huisje tuintje boompje beestje. Geen werk.
Maar wat is daarvan waar?
En dan komt het beeld waar ik daadwerkelijk in leef.

Ik heb een eigen huis. Mijn eigen tuintje en beestje. Het boompje past niet, maar daarvoor in de plaats zijn er veel planten en bloemen.
Ik heb een paar vrienden. En ik merk dat ik veel vrienden niet eens zou aankunnen.
Maar dit groepje vrienden is me heel dierbaar. En ik heb gezellige visites van hun bij mij. Ik leef in een wijk, die een dorpsgevoel heeft gecreëerd.
De kinderen van mijn broer, vrienden, buren zijn de kinderen in mijn leven.
Ik volg hun capriolen en hoe ze hun eigen ik uitstralen.
Ik heb een autootje, en kan overal naar toe. Ik ben creatief, en vind het leuk om zo bezig te zijn.
En of er ooit een partner in mijn leven komt, ik weet het niet. Nog te vaak vind ik het prima om alleen te zijn.
Ik heb geen koffiebar, maar nu hoeft dat ook niet meer. Ik kan schenken wat iemand wil, koffie, thee of water (tja.. het is wel budget hier) En de meesten willen er toch geen koekje bij.

Vroeger had ik een beeld van alleenstaande sterke vrouwen. Ze trokken mij aan. Sterke vrouwen, ook wel de vrouwen die in een relatie zaten. Vrouwen die bewust waren van alles, en sterk in het leven stonden. Ze konden zwijgen, en hun blik vertelde alles of juist helemaal niets. Ze hadden 1 of 2 minnaren, die hun adoreerden. Ze hadden intelligente gesprekken met vrienden. Ze stonden anders in het leven, en het voelde voor mij goed.

Maar als iemand anders mijn leven zou schetsen. Dan zou dat aardig gelijkwaardig zijn aan die van de alleenstaande vrouw. Ben ik sterk, ik denk van wel. Ik heb ook vaak diepe interessante gesprekken met vrienden.
Het is dan geen raften, maar met een kajak in kanalen peddelen met je vrienden is ook wel erg leuk. Of dat mijn vrienden me meenemen naar Retro Pop terwijl ik in een rolstoel zit met een gebroken been.
De minnaars in mijn leven zijn dan niet persé de adonissen, maar zijn op hun eigen manier interessant, en hebben een speciaal gevoel voor mij.
Ik heb buren die me warm eten brengen, als er bij hun wat over is.
Ik heb een kleine functie in ons buurtje, waarmee we het leuk en gezellig maken voor ons buurtje.
En voor mij ligt een blanco toekomst.

Iets in mij probeert een beeld te creëren, maar ik wuif het weg. Het gaat toch niet zoals je wilt, en je krijgt het soms op een manier, waarbij je eerst goed moet leren kijken om het te zien.

Het beeld is in het nu. Wat ik zie is wat is. En als morgen ineens alles anders is, dan zien we het dan wel weer. Het is nu…nu…!

Met een vriendelijke groet in de realiteit,

Mel

Advertenties

Volgen van een Rechtszaak … De uitspraak …

Vandaag was het dan zover. De uitspraak. Binnen 20 minuten was het voorgelezen.
Best snel. Ik had ergens het idee, dat het wel een uur of meer zou duren.
Maar de rechtbank heeft de belangrijkste dingen voorgelezen, en vandaar uit een conclusie getrokken.

Er waren drie scenario’s bekend. Er waren getuigen. Er waren deskundigen.
Maar er was geen duidelijke aanwijzing aanwezig, waar uit gebleken is, dat het om moord cq doodslag ging. Er wordt niet getwijfeld aan de oprechtheid van de getuigen of aan de deskundigheid van de deskundigen. Het is meer, dat niet vast gesteld kan worden, dat de verdachte daadwerkelijk een moord heeft gepleegd.

De verdachte is vrijgesproken.

Maar wat gebeurd er nu? Een rechtspraak maakt geen einde aan het gebeuren.
Er is nog steeds een kind dood, en die staat nu niet op, om te zeggen; “Ik weet wat er is gebeurd!”
Een vader gaat met verdriet naar huis. Geen schadevergoeding. Vrijspraak van zijn ex, de door hem verdachte moeder. Welke hulp gaat hij krijgen, of moet hij daarvoor net zo hard vechten voor hulp, als hij voor zijn kind heeft gedaan?

En de verdachte moeder, is niet langer verdacht. Ze is per onmiddellijke ingang vrij. Maar wat voor leven heeft zij nog? Ze zal altijd verdacht worden door mensen. Ze zal altijd geconfronteerd worden met blikken die vraagtekens hebben. Ze zal nooit zeker weten wat iemand denkt over haar verdachting. Dat doet veel met een mens. En daarbij zat ze al niet in een het makkelijke vaarwater des levens. Welke hulp gaat zij hiervoor krijgen?

Misschien is dat het wel, wat ik graag zou horen tijdens de rechtspraak. Dat niet alleen het vonnis wordt gegeven. Maar dat er ook na-zorg komt voor alle partijen. Want het gaat nooit alleen maar om de verdachte en de tegenpartij.

De rechtspraak is zo verfijnd, dat er overal een antwoord op te geven is.
Er wordt niets aangenomen. Een aannemelijke situatie is niet perse waarheid.
Als het niet kan worden aangetoond, rest niets anders dan vrijspraak.
Zwart – wit is dit eigenlijk. Kan het wel of niet worden aangetoond, dat een mogelijke situatie is gebeurd?

Het komt er een beetje op neer, dat een groep mensen alles heeft bestudeerd qua rechtszaken en de uitspraken. En van daar uit wordt de afweging gemaakt.
Ik heb gelezen dat er een vorm van empathie bestaat bij de rechtbank. Hier gaat het dan om, dat de rechtbank zich kan voorstellen, dat als je in een bepaalde situatie zit, je andere keuzes kan maken. Dat je anders reageert. Maar het blijft een zwart/witte uitspraak, en daarmee is de kous af.

Als ik kijk naar de rechtspraak in Nederland. Dan zie ik mensen, die een goed betaalde baan hebben. Zich boven anderen stellen (ook gevoelsmatig). Want zij hebben de wetten geleerd, en zij kennen de rechtspraak. Ze hebben een bepaalde houding, attitude. En het spreekt mij niet aan. Ik houd van openheid en gelijkheid. Omdat iemand niet alles begrijpt, hoeft dit nog niet te betekenen, dat zijn of haar mening onjuist is.

Maar ik begrijp ook dat deze openheid en gelijkheid nog niet mogelijk is. We zouden dan eerst moeten begrijpen en leren, dat wraak geen goed emotie is. We willen iemand pijn doen, die ons pijn heeft gedaan. Een oergevoel, dat iedereen wel kent. Jij slaat mij? Dan sla ik jou! Dit behoren we dan als kind zijn af te leren, maar dat gebeurd niet. Want we leren niet, waarom het niet oke is, om gelijk terug te willen slaan. We vragen ons niet af, waarom iemand ons slaat. Misschien hebben we hem of haar wel al eerder geslagen, zonder het door te hebben. Want slaan die we niet alleen met handen, maar ook met woorden en uitdrukkingen met handen en met gezichtsmimiek.

Zolang er nog mensen zijn, die vinden, dat ze voor eigen rechter mogen spelen, kan er in de rechtspraak niet veel veranderen. Ze vinden de rechts uitspraak niet juist. Ze voelen iets anders, en willen dit gevoel rust geven. Ze hebben nauwelijks door hoe beïnvloed ze zijn, door mensen uit eigen omgeving, of door het lezen van reacties in de ‘sociale’ media. Deze mensen zijn eigenlijk net zo gevaarlijk als een verdachte. Dit is iets wat we inmiddels wel weten door allerlei verhalen die te lezen zijn in de media.

Ik denk, dat als je als rechtbank zijnde, moet gaan nadenken over het vervolg. Wat kunnen we het beste doen met betrokken mensen, na een rechtsuitspraak.
Er zitten drie à vier reporters in de rechtszaal, hetzelfde verslag te geven aan verschillende mediabronnen. Terwijl er eigenlijk zoveel hulpverleners hadden moeten zitten, die klaar staan voor mensen, die in een emotionele situatie terecht komen. Mits ze er al niet in zitten.

Stel dat we zouden horen, dat een ex-verdachte een bepaald circuit in gaat, om de juiste hulp te krijgen, zodat hij/zij niet terug valt in oude gewoonten, dan hebben de ‘eigen rechters’ ook meer rust, en zullen minder snel een actie gaan uitvoeren, die de hele situatie alleen maar verergerd.

Stel dat we zouden horen, dat er hulp is voor betrokken mensen, en niet alleen de direct betrokkenen, maar ook die wat verder afstaan. Voor de mensen in de buurt, school, werk etc.

Oké, ik weet dat er steeds meer hulpverlening aangeboden wordt. Maar daar blijft het telkens bij.
Ik weet dat er veel mensen op een wachtlijst staan, die eigenlijk gelijk geholpen zouden moeten worden. Ik weet dat er veel mensen geen hulp aannemen, omdat ze weten dat het niet correct gegeven gaat worden. Ik weet dat er hulpverleners zijn, die niet weten, hoe ze iemand het beste kunnen helpen.
Deze vorm van hulp en zorg behoeft nog veel aandacht. Er moet beter opgeleid worden. Er moet meer informatie komen en gedeeld worden. Maar de eerste stapjes worden wel gezet. En dat moet ook gezien worden, want ondanks dat we nog een lange weg te gaan hebben, is het belangrijk om wel ergens te beginnen.

Ondertussen lees ik, dat het OM (openbare ministerie) in hoger beroep gaat tegen de uitspraak. Dus deze blog lijkt nog niet op zijn einde te zijn.

Vanavond op tv even kijken, wat zoal de reacties zijn over deze uitspraak.

Met altijd een vriendelijke groet,

Mel

Zoals het in je huis is, zo is je leven…

Je kan vaak wel zien, hoe iemand woont en leeft. Hoe de tuin eruit ziet, hoe het huis van binnen en buiten eruit ziet. Het geeft aan, hoeveel aandacht iemand voor zijn eigen thuis heeft.

Ik ben opgegroeid in een gezond gezin. En daarmee bedoel ik het volgende. Alles wat we nodig hadden was er, met hier en daar wat luxe. We hadden al vroeg een afwasmachine. Dat was toen best uitzonderlijk nog.
Er werd elke dag stof gezogen. Gordijnen en vitrage hingen er altijd keurig bij.
Nergens lag rommel. Papier en glas werd altijd al verzameld.
Zowel mijn vader als mijn moeder werkten. En mijn broer en ik leerden al snel de klusjes in huis te doen.
We kookten samen. We deden de was. We wasten ramen. We leerden het huishouden op die manier goed kennen. En we waren goed voorbereid om op ons zelf te gaan wonen.

Dit zie ik nog steeds terug bij mijn ouders. Een net huis. Strak in de lak. Meubels afgestemd op kleur en wens. Alles netjes, keurig, praktisch en opgeruimd. De woning van mijn broer is een duidelijke afspiegeling van mijn ouders.

En dan kom je bij mij. Zucht. Een ander verhaal.
Ik ging op mijn 21e op me zelf wonen. En toen begon ik al te merken, dat ik moeite had, om het huishouden zo te runnen, zoals ik het geleerd had.
Er vielen steeds meer hiaten tussen klusjes die moesten gebeuren. Daarnaast was ik druk aan het werk, en had ik daarnaast nog een studie. Mijn ouders deden dat ook allemaal, dus moet ik dat ook kunnen.

In tegenstelling tot het interieur wat mijn ouders hadden, heb ik altijd tweede hands spul gehad. In de hoop dat er een tijd zou komen, dat ik mijn woning ook kon inrichten zoals mijn ouders en broer deden.
Maar… nu sta ik stil en kijk ik rond. En ik herinner me mijn vorige woningen.
Het was altijd een samengesteld huishouden. Een mix van wat anderen ooit nieuw aangeschaft hadden, en zijn weg naar mij had gevonden.
En inmiddels heb ik zo een verzameling in huis staan, die mijn huis best leuk maken. En elk meubelstuk heeft zijn verhaal.

Een boekenkast die ik gekregen heb van een goede vriend.
Boeken die ik van vriendinnen heb gekregen.
Een stoel van een achternichtje.
Een paar meubelstukken die bij mijn ouders in huis stonden.
Een eettafel met stoelen, die ik van mijn kameraad en zijn vriendin heb gekregen.
Het lijkt wel een beetje een schilderij met verhalen waarin ik me begeef.

Uiteraard zou ik graag willen sauzen en verven, maar ik heb wat hulp daarbij nodig. En het materiaal natuurlijk ook.
En tuurlijk steekt het me wat, dat mijn broer en zijn lieve vrouw een nieuwe keuken hebben, en dat ze elk kleurtje verf kunnen kopen die ze willen.
Maar als ik daar in blijf hangen, dan wordt ik jaloers op onzin.
Want het komt wel goed.

Het huishouden doe ik nog steeds niet zoals vroeger. Elke dag stofzuigen zit er echt niet in, huisdieren of niet. Maar ik heb het mezelf wel zo makkelijk gemaakt, dat alles goed schoon te houden is, en dat het zo min mogelijk rommelig is. En ik leer het steeds beter om dat los te laten. Het is niet erg, dat hier en daar wat ligt. In dit huis wordt geleefd, en dat is niet erg.
Want een huis, waar alles strak op zijn plek lig, daar word ik ook weer ongemakkelijk van. Dan krijg ik weer het gevoel, dat ik niets mag morsen, en gelijk alle kruimeltjes die vallen, op moet ruimen.

Ik zie in mijn huis, daar waar ik thuis ben, ook mijn leven terug.
Qua werk ging ik van de ene baan naar de andere. En toen kreeg ik een baan, waar ik gedetacheerd werd bij de ene naar het andere bedrijf.
Ik heb verschillende cursussen gevolgd, die psychisch gerelateerd waren, om mezelf beter te leren kennen. Zelf management, om het zo te noemen. En ook daar heb ik dus verschillende bedrijven aan gedaan.

Met vrienden ging het net zo, ze kwamen en gingen. Of ik kwam en ging. Door de jaren heen verschillende leuke vrienden gehad, en van sommigen vind ik het best jammer dat het verwaterd is.

Het huis waar ik nu woon, daar woon ik nu het langst, van alle adressen die ik in mijn leven heb gehad. En hier voel ik me thuis. Leuke buurt. Ik kan alleen zijn, en ik kan buren opzoeken door alleen al mijn voordeur uit te lopen. Perfect.

Ik heb nu een aantal vrienden die ik echt liefheb. Eentje komt elke week even bij me langs. Een ander belt me om de zoveel weken. Weer een ander woont naast me, en kletsen we wanneer we elkaar even in de tuin zien. Nog eentje, waar ik echt binnen kort naar toe moet. Vooral met dit warme weer, want ze zit nu op een camping.
Het zijn vrienden die begrip hebben voor iemand anders. Die niemand claimen, en je nog steeds verwelkomen, als je enige tijd uit het zicht bent geweest.
En elk van hun, staat net wat buiten het normale. Ze hebben allemaal een verhaal te vertellen, die anders is, dan zoals het zou moeten zijn. Oftewel, ze hebben geleefd en ervaren. En durven daar over te praten.

En als ik in mijn huis kijk, dan zie ik spulletjes die ik al meer dan twintig jaar heb. Dat waren destijds goede keuzes, en hebben een herinnering, en wil ik dus niet kwijt. En ze doen allemaal nog wat ze moeten doen, ondanks deukjes en andere kleine beschadigingetjes. Een rietenwasmand met een gat aan de zijkant, die een ex van mij erin heeft getrapt, omdat hij boos was.
Een gebarsten spiegel, die ik kreeg bij mijn slaapkamermeubels, toen ik zestien werd.
Een grijze afwasteil, die ik gekocht heb, toen ik op kamers ging wonen. Ik was geloof ik 19 jaar.
En juist die spulletjes maken mijn huis zo huiselijk. Gezellig.
En ergens wil het niet meer zo strak als bij mijn ouders of broer, maar wil ik juist de charme behouden, die nu gecreëerd is door het leven zelf. Mijn leven heeft ervoor gezorgd dat mijn huis er zo uit ziet, als ik ben.

Een zoektocht naar normen en waarden, en deze te veranderen door nieuwe inzichten. Vasthouden wat je lief is, loslaten wat niet meer werkt.
Accepteren wat nu eenmaal zo is, en veranderen wat je kan, om het beter te maken. Maar niet perfectionistisch. Omdat het leven dat nu eenmaal niet geeft.
Je kan niets plannen, het leven komt zoals het komt. Het water stroomt via de makkelijkste weg, waar weerstand het minst is.
Dus als ik mijn weerstand loslaat, en het leven over me heen laat stromen, zoals het wil, ik er meer uit zou kunnen halen. Dus dat is wat ik nu doe.

Ik kijk rond in mijn huis. Ik voel me thuis. Dit is mijn kasteel van herinneringen.
Een plant staart naar mij, een groene container overlever. Gered door mijn vriendin, en nu staat hij bij mij in huis.
Een televisie, die ik van een kennis heb die ging verhuizen. En ik heb haar meegeholpen haar huis netjes voor verhuur achter te laten. Twee weken lang. En daarvoor heb ik de televisie gekregen, want die van mij stond op knappen.
Een ladenkast, die ik op mijn 30e verjaardag van de ouders van mijn ex heb gekregen. Een dag erna heb ik de relatie beëindigd.
In de boekenkast staan twee soorten mysterie encyclopedieën, die ik van een vriend/collega, heb gekregen.
Kinderleesboeken, die ik vroeger las, die mijn vader voor me had bewaard.
Mijn gitaar, die ik van mijn broer heb gekregen toen ik 17 was.
Een glazenkast, die ik van mijn peetoom heb gekregen.
Een authentieke houten reclame bord voor een mississippi boot, die ik van mijn peettante heb gekregen.
In mijn tuin liggen stoeptegels die ooit eens lagen bij een andere oom en tante.
In mijn la ligt een broodmes die ik van weer een andere tante heb gekregen.
In mijn kast staat een porseleinen gevlochten mandje met porseleinen fruit, die ik van mijn Oma heb gehad, nadat ze was overleden.
En zo kan ik nog wel even door gaan.

En nu ik stil sta, kan ik dat allemaal zien. Nu ik niet meer probeer te creëren wat toch niet lukt, op de manier die ik zou willen, zie ik dat ik eigenlijk heb, wat ik altijd had willen hebben. Een gezellig huis met herinneringen. Ik ben er eigenlijk al. Goh. Wat een leuk besef.

Ik ga nu mijn tuin in, mijmeren over nog meer herinneringen die leuk zijn om op te roepen. Want is dat niet waar het leven omdraait. Hoe gezellig het we met elkaar hebben gehad? De herinneringen die we samen gemaakt hebben. Ik denk dat ik het begin te begrijpen.

Met een vriendelijke groet,

Mel

 

Volgen van een Rechtszaak … Het Requitoir …

Het OM (openbare ministerie) mag vandaag hun bevindingen weerleggen.

Er wordt een situatie geschetst hoe mensen in de zaal zitten. Ik lees dat de vader achter de verdachte moeder zit.
Ik vind dat vreemd. Ik zou er toch voor zorgen, dat de vader ergens zat, waar hij niet zo dicht bij de moeder zou zitten. Hij moet nu (lijkt mij dan) telkens naar haar achter hoofd kijken.

Maar goed. Het OM geeft aan, dat ze tot een conclusie zijn gekomen. Waarbij ze hebben gekeken naar allerlei aspecten die, na wat er is gebeurd met het kind, omhoog zijn gekomen.

Ze hebben gekeken hoe de moeder heeft gereageerd vlak na het gebeuren. Maar ook, hoe ze ervoor was, en hoe ze daarna heeft gereageerd.
Haar zwijgrecht wordt in twijfel getrokken. Haar alcohol gebruik wordt aan gemerkt. Haar beslissingen als moeder worden besproken.

Het OM geeft aan dat er drie scenario’s zijn, waarvan èèn het waarschijnlijkst is.
Ze stellen de moeder daarom verantwoordelijk voor de dood van het kind.

Ik persoonlijk had dit niet verwacht. Ik had verwacht, dat er meer bewijs moest komen voor het vaststellen van een doodslag.

De eis van de advocaat van de vader was; 30 jaar cel en 100.000 euro schadevergoeding.
De eis van het OM is; 10 jaar cel en 30.000 euro schadevergoeding.

Vanmiddag mag de advocaat van de moeder zijn pleidooi houden. Ergens mag ik die man niet. Stom eigenlijk. Ik ken hem niet. Zie hem alleen op een tekening van de rechtszaal. En lees wat anderen horen en op schrijven. En toch ben ik ergens bevooroordeeld. Misschien een indruk van wat ik heb gelezen. Misschien is het het verdedigingen van iemand die een ander kwaad heeft gedaan. Misschien is het hoe hij de vragen beantwoord, of de vragen stelt. Ik weet het niet precies. Misschien wel een combinatie van.

Het OM gaf wel reacties, waar ik op zat te wachten, en nog niet had gehoord. Bijvoorbeeld de twijfel over de acties van de moeder nadat wat er met haar kind was gebeurd. Waarom had ze niet geschreeuwd en gegild, en is ze niet gelijk naar haar kind gegaan.

Er wordt ook gesproken over de vader. Dat hij verantwoordelijk is voor deze rechtszaak. En het leed dat hij heeft gehad. En even is daar een emotie die de moeder niet kan binnen houden. Ze geeft aan, dat er niet zo doorgezeurd moet worden of de leed van die man. Ze wordt tot stilte gemaand en zegt sorry.
Toch heeft ze met die opmerking zich zelf nog extra gesneden.

Het OM heeft ook gekeken naar hoe ze zich gedraagt tijdens de rechtszaak. Dat ze, als er gesproken wordt over het moment van het overlijden van haar kind, ze naar de punten van haar schoenen kijkt. Iets wat ze tijdens de verhoren ook heeft gedaan. Hier wordt haar zwijgrecht dan ook in twijfel getrokken.
Ergens wordt er een andere zaak aangehaald. Die van Murray, waar zwijgrecht niet in het voordeel van de verdachte was.

Nog vijf minuutjes en dan mag de advocaat zijn pleidooi geven, hij geeft aan zo’n twee en half uur hiervoor nodig te hebben…
Eerst mijn kop koffie maar bijvullen…

________________________________________________________________________________

We zijn nu anderhalf uur verder. En veel dingen worden, door de advocaat van de verdachte moeder, weerlegt.
Hij vindt het onzin dat de vader geld krijgt. Te laat ingediend, en eigen keuze.
Hij is het niet eens met èèn van de deskundigen, en neemt veel tijd om dit vertellen.
Hij trekt twijfels over het gebruik van de media door de advocaat van de vader.
Hij geeft aan, dat zijn cliënte geen herinneringen heeft van het moment dat alles gebeurde. Hierdoor zal het nooit duidelijk zijn wat er is gebeurd.

Ik ben nu vijf verslaggevers aan het volgen. Krijg daardoor wel een aardig idee van wat er werkelijk gebeurd in de rechtszaal. Doch het beeld mist nog steeds. En ook het geluid. De intonatie van sprekers. Hoe mensen kijken als de woorden van de spreker binnen komen.
Daarnaast ben ik me er ook wel van bewust, dat zitten in een rechtszaal dat een zaak als deze behandelt, veel meer impact heeft. Ik zit nu vrij relaxed met een kopje koffie, radio op de achtergrond aan. Af en toe wat andere dingen lezen, omdat het verhaal wat de advocaat aan het vertellen is wel erg lang duurt.

Denkend aan de advocaat van de verdachte. Dan moet je toch van een bepaald soort kaliber zijn. Ik denk dat ik het soort advocaat zou willen zijn, die voor recht gaat. Iemand die gebruik maakt van zwijgrecht, zal dus ook niet alles zeggen tegen zijn advocaat. Denk ik dan zo. En als de zaak dan ook alle waarschijnlijkheid heeft, dat mijn cliënt het gedaan zou kunnen hebben, denk ik niet, dat ik in staat zou zijn hem zo goed mogelijk te begeleiden.

De advocaat vraagt om vrijspraak. Voornamelijk om gebrek aan bewijs.

Nu een pauze, en het laatste deel. Straks mogen alle partijen nog op elkaar reageren. En mag de verdachte nog een eigen woord spreken.

_________________________________________________________________________

De advocaat van de vader heeft nog het een en ander aangekaart, wat hij als ongepast vond bij een rouwende vader, waar de advocaat van de moeder een opmerking over had gemaakt.
Het OM geeft aan geen tunnelvisie te hebben in deze zaak, zoals de advocaat van de moeder had aangemerkt.
De verdachte neemt haar spreekruimte niet. Ze geeft aan alles gezegd te hebben. Dit laatste lijkt me zo niet waar… maar goed… zwijgrecht.
Over drie weken is er een uitspraak.

Poeh… best veel om over na te denken over èèn rechtszaak.
Er is geen onomstotelijk bewijs. Er is geen feitelijke waarneming van wat er is gebeurd. De geschiedenis is aanwezig, en ook wat er na is gebeurd heeft veel verduidelijkt. Toch is er geen bewijs over wat er precies is gebeurd.

Toch vindt het OM dat er duidelijk van doodslag gesproken kan worden, omdat alles daar naar toe wijst.

De advocaat van de verdachte geeft aan dat ze een moeder is en van haar kind houdt. Toch heeft nog niemand haar dat horen uiten. Ze had wel emotionele momenten tijdens de zaak, maar dit kunnen ook tranen zijn, getriggerd door andere emoties. In mijn optiek kwamen de emoties niet op het moment dat het nodig was, en juist op momenten dat het om haar persoonlijk ging.
Ze had in het laatste woord dit alles kunnen zeggen, maar ze geeft aan alles gezegd te hebben…

En wat denk ik dat de rechter gaat zeggen over drie weken? En wat vind ik zelf.
Ik heb geen idee wat de rechter gaat zeggen. Maar goed ik had ook niet verwacht, dat het OM doodslag als eis ging stellen. Dus dat wordt drie weken afwachten.

Wat ik zelf denk. Ik geloof dat de moeder verantwoordelijk is, door haar kind in een situatie te brengen, waar veiligheid niet meer gegarandeerd kon worden.
Ik vind de moeder niet in staat om zorg te dragen voor zich zelf, laat staan voor een kind. Hier kan ik niet anders, dan een deel van de schuld bij hulpverleners neer te leggen.
Het vermijden van het moment, dat haar kind is komen te overlijden, vind ik een groot punt van aandacht. Vooral hoe ze zich gedraagt bij het vermijden van dit moment.

Of de verdachte haar kind daadwerkelijk van het leven heeft beroofd, zoals wordt weerlegt in deze rechtszaak, is iets wat ik niet kan vaststellen. Het is een heel aannemelijk scenario. Maar kan je zoiets aannemen als zodanig?

Want als je heel kort uitlegt wat de volledige situatie is, dan gaat het om een vrouw die alcohol gebruikt, een verbroken relatie met de vader van het kind heeft, een moeizaam leven leidt, waarbij ze veel last heeft om dat goed te verwerken. En ergens is in een momentopname iets gebeurd, dat ze zich niet meer kan herinneren. Haar kind is er niet meer, en ze gedraagt zich er niet als zodanig naar.

Dit maakt haar uiterst verdacht bij iedereen. Daarvoor hebben we dan ook mensen die dit voor ons allemaal uitzoeken. En stellen we mensen aan, die met een nuchtere eerlijke blik naar een situatie kunnen kijken, en hier een beslissing overnemen.

En ergens gaat er iets niet goed, als de èèn vindt dat er vrij gesproken moet worden, en de ander vindt dat er 10 jaar cel nodig is voor de verdachte.
Best wel een verschil. De èèn vindt dat ze volledig veilig is voor de maatschappij, de ander niet. De èèn vindt dat ze gestraft moet worden, de ander vindt dat ze al meer dan genoeg is gestraft door het verliezen van haar kind.
De èèn ziet doodslag de ander ziet geen enkel strafbaar feit.
Wie heeft gelijk?

De verdachte heeft niet de beste kaarten in handen. Eigenlijk alleen maar kaarten die nog meer vraagtekens opwerpen. En ze houdt zich zelf stil.
Alles wijst naar haar. En doordat ze zich stil houdt, kan het zo maar zijn, dat ze juist daardoor veroordeelt gaat worden.
Poeh, ik zou nog geen minuut in haar schoenen willen staan.

Tot nu toe vond ik het een interessant gebeuren om het te volgen. De advocaat van de verdachte kwam me nogal over als de slechte advocaten in tv series en films. Het gebruik van cynische intonatie. Het denigreren van de beleving van de vader. Het verdraaien van woorden van deskundigen en hun kennis in twijfel te trekken.
Er zijn paar keer momenten geweest dat ik de man wel had kunnen slaan. Het kwam zo dom over. En dan vraag ik me ook af, van wat voor soort kaliber ben je, als je dergelijke suggesties doet, en uitspraken, alles om je cliënt vrij te laten gaan. Dit lijkt op een spelletje.

Ik zit nu ook wel na te denken over een straf. Best lastig. Als we wisten dat ze het had gedaan. Dan was het niet zo lastig. Dan was het brommen. En daarna goeie therapie. En niet eerder terug in de maatschappij, tot je voor iedereen veilig bent. Als je al terug wilt komen in de maatschappij, want deze willen je ook niet. Zo zitten mensen nu eenmaal in elkaar. Niet iedereen kijkt verder dan hun neus lang is.

Als ze het niet heeft gedaan, als zij in zich zelf net zo op zoek is naar het antwoord over hetgeen dat gebeurd is, dan heeft ze persoonlijke hulp nodig om haar wijze van het oplossen van problemen te veranderen in iets wat niet destructief is.

Ik kan wel boos worden dat ze niet wil praten, dat ze geen vragen stelt, dat ze niet zegt dat ze van haar kind houdt. Want dat zijn dingen die ik als persoon wil horen. Want dan kan ik zien of ze in het maatschappelijke plaatje van normen en waarden past. Want als je er niet in past, dan is er wat niet goed aan jou, en dat roept weer vragen op. En dat is allemaal vanuit mijn normen en waarden gezien.
En ondanks dat ik van mening ben, dat mijn normen en waarden aardig oké zijn, mag ik niet oordelen over de normen en waarden van anderen.

We weten nog te weinig over deze verdachte. Haar opvoeding is nauwelijks uitgelicht. Hoe haar ouders zijn/waren, is niet echt in beeld gebracht.
En zo zijn er nog veel dingen niet in beeld gebracht, die de situatie duidelijker zouden schetsen.

Dus in afwachting op …

Met een vriendelijke groet,

Mel

Los laten …

Los laten, stoppen met vechten, dat is wat ik nu aan het doen ben. Ik heb een besluit genomen die niet makkelijk was. Maar alles leek er allang op aan te sturen, en ik bleef er maar tegen vechten. Ik kan het gewoonweg niet, het lukt me gewoon niet. Op verschillende manieren heb ik het geprobeerd, maar telkens komen de reacties, waaruit blijkt dat er geen begrip is.

Ik wil niet werken. Zo … dat is eruit. En gelijk hoor ik in mijn gedachten het ouderwetse gezegde “Wil Niet ligt op het kerkhof, en Kan Niet ligt er naast”…
Ik vond het overigens altijd wel vreemd, dat Kan Niet naast het kerkhof lag… Maar goed, zo zijn er meerdere gezegdes waar ik niet onder wilde vallen. Dus hard werken en leren, en dat jaren volhouden, tot je zo op bent, dat je de andere voet niet meer voor de ene krijgt. En je snapt niet waarom.

Als ik nu terug kijk, dan zie ik een duidelijk patroon. Ik kan ongeveer twee jaar werken volhouden, voor ik weer instort. Mijn vrije dagen gebruikte ik om op te laden, en probeerde zo kort mogelijk vakanties te houden, zodat ik die dagen ook weer kon gebruiken om op te laden. Mijn privé leven bestond al niet meer, ik had er de puf niet meer voor. Het lukte gewoon niet meer. En studeren ging ook steeds moeilijker, omdat ik gewoon te moe was om op te nemen. Het leek wel of mijn brein altijd overvol was.

En toch was mijn idee, weer te gaan leren en te werken. Wetende dat het super zwaar zou worden. En ja.. mijn voorspelling kwam uit. Vanaf 2015 ben ik bezig gegaan met het opbouwen van mijn leven. Een reïntegratie bureau aangeschreven, dit via UWV geregeld. Maar het bracht me alleen maar frustraties. Ik heb zo goed als ik kon, meegedaan. Maar opnieuw hoorde ik het in mezelf, dit ga je niet redden, je bent zo weer aan de latten. En ik wilde daar niet naar luisteren, omdat het niet mocht. Niet mocht van mezelf.

Ik was bezig met de opleiding HBO ervaringsdeskundige in de zorg. Maar opnieuw is dit een functie voor vrij gezonde mensen, die een afstand tot eigen problematiek hebben. En opnieuw heb je sollicitatie gesprekken, waarbij ik het weer voor mezelf verpruts, omdat ik niet zeg wat ze willen horen.

Maar … bij mijn laatste gesprek ging het even wat anders. Er was al een kanteling gaande bij mij. Waar ben ik mee bezig. Hoe ga jij het redden? En toen kwam ik met twee leuke vrouwen in gesprek, die dat durfden aan te kaarten.
Eigenlijk was het al gelijk duidelijk, dat ik niet de juiste persoon voor hun was, op dit moment. Omdat hun doelgroep nogal intensief is. En dat vond ik zelf bij voorbaat ook, en was al wat aarzelend om daar te gaan solliciteren. Maar ja, ik had een stage plek nodig.

Ik heb met hun een heel verduidelijkend gesprek gehad. Waarbij voor mij een paar vragen kwamen, waarvan ik wist, dat niemand ze adequaat kan beantwoorden. En dat gewoon, omdat het nu eenmaal zo werkt.

En… dat is precies hoe het voor mij niet werkt. En ik weet dat naast mij, er nog genoeg andere mensen zijn, die net als ik, niet de kansen krijgen, omdat alles nu eenmaal is zoals het is.

Ik struikel voornamelijk over de bureaucratie. Alleen al voor je een opleiding überhaupt kan volgen, moet je van alles doen. Het is niet alleen inschrijven. Welnee, je moet ook nog een verslag schrijven over hoe je dat allemaal gaat doen, en waar je solliciteert, en hoe je het hebt aangepakt etc…
Echt waar joh!?!
Ik wil een opleiding volgen in ervaringsdeskundigheid, en niet in verslaggeving. Dat is dan journalistiek. Niet voor mij weggelegd. En wat is het nut ervan, zo’n verslag? Ik kan een heel gelikt verslag maken, maar wat zegt dat dan? Ik kan me niets voorstellen, en zie het als verspilde energie.
Dan zegt Dienst Uitvoering Onderwijs dat je ook nog es van alles moet doen. Pfff, ik ben al van slag van het sollicitatie gedoe. Want 1 sollicitatie is voor mij al een hele opgave. Website lezen, brief schrijven, wachten op uitnodiging, of op afwijzing. En dan heb ik er ineens een stuk of acht lopen. Ik ben volledig het overzicht kwijt. De een wil het via de mail, de ander via de post, weer een ander via een website. Het is gewoon niet meer netjes bij elkaar, en chaotisch.

In mijn achterhoofd begon ik wel al te denken, hoe ik dat allemaal braaf moest gaan doen, terwijl er iemand in mijn hoofd zit te schreeuwen dat het niet goed is. Dat ik er aan onder door ga. Want het kost me energie die ik niet heb.
En dan ga ik leren en werken. Wat dan al gauw meer dan veertig uur per week gaat worden. En dan ’s avonds weer de boeken in. Hoe graag ik het ook wil, ik weet dat in volledig ga instorten. Ik ben zo bezig geweest om dat instorten te negeren, want dat zou inhouden dat ik eigenlijk nooit meer ergens aan de slag kan. En hoe meer ik hier aan dacht, des te meer ik onrustiger in mezelf werd.

En stel ik haal het om twee jaar achterelkaar te buffelen. Zodra ik klaar ben, zit ik toch weer thuis in een burnout. Want … uit het verleden is gebleken…
Zucht.

En wat zou ik dan wel kunnen? Waar zou ik kunnen werken, en weten dat ik dan ook nog leuk heb op het werk, en thuis mijn privé leven ook nog kan beleven.
En weer weet ik van mezelf, dat het niet uitmaakt waar ik werk, wat het werk is, er zullen altijd factoren zijn die het mij te zwaar maken.

Het is niet zo dat ik spreek vanuit weinig ervaring in werk. Ik heb veel gewerkt, en bij verschillende soorten bedrijven. En sommige baantjes waren wel aardig te doen. Maar er was altijd iets, dat het lastig voor me maakte. Ik hield me stil, en deed het gewoon, omdat ik mijn werk niet kwijt wilde, maar wat hekelde ik het werk, en zag er steeds meer tegen op. En in mijn gedachtengang, moest dit voor iedereen zo zijn. Ergens kon ik me niet voorstellen, dat er mensen waren, die geen problemen hadden om te werken. Voor mij was werken iets wat je moest doen, en wat niemand leuk vond.

Dit blijkt dus niet waar te zijn. Want er zijn genoeg mensen die geen moeite hebben met werken. Vaak ook mensen die doen wat ze leuk vinden, en hun privé leven ernaast prima kunnen combineren. Mijn moeder bijvoorbeeld, vindt haar werk leuk om te doen, en heeft geen moeite om dat vol te houden.
Het verbaasde mij enorm, toen ik dat hoorde. Maar goed, dat hield niet in, dat mijn idee over werk veranderde. Ik wist wel dat ik iets moest vinden wat ik zodanig interessant vond, dat ik het langere tijd kon doen, zonder mijn motivatie te verliezen. Zonder er flauw van te worden. Waar ik mezelf een beetje in terug kon vinden. En voor mij was dat de psychische wereld.

Nog steeds vind ik het fijn om met mensen te praten. Mensen die openstaan voor ideeën om te leren over zich zelf. Want als je iets begrijpt van jezelf, dan kan je het een plek geven. Begrip zorgt voor rust.
Maar ik zal niet volgens een bepaald proces iemand kunnen helpen. Als ik voor een bepaalde instantie zou werken, dan wordt toch gauw ook dingen van je gevraagd, waar ik niet achter sta. En, tja… ik loop niet mak achter iemand aan. Ik heb altijd wel ergens een vraag en mening over.

Maar goed. Ik weet nu van mezelf dat ik niet echt belastbaar ben. Als ik al twee dingen aan mijn hoofd heb, vind ik het lastig als er een derde bij kom, en voel ik dat ik lam word. Ik verlies kracht in mijn lichaam als in mijn brein. Ik kan dan slecht voor mezelf opkomen, en reageer heel kribbig. En leven in dat gevoel heeft nu te lang geduurd. Ik ben te moe van het vechten. En alles in mij wil dit gevecht ook los laten.

Het is niet makkelijk om toe te geven aan me zelf dat ik te zwak ben. Dat ik voor mezelf heb gefaald. Maar dat ik een andere route moet gaan kiezen. Een route die er rustig uitziet. Waarbij ik ervoor zorg, dat ik alleen dat doe, wat ik aankan. Zodat ik ruimte heb voor wat mijn vrienden allemaal meemaken. En dat ik de rust heb om ze op te zoeken, in plaats van uitgeput in mijn stoel te zitten thuis.
Het houdt in, dat ik nooit geld over houd voor leuke dingen. Want.. dat is de straf van de maatschappij als je niet werkt.
Ik moet ervoor zorgen dat ik zo weinig mogelijk last heb van het UWV, of Gemeente gedoe, zodat ik me daar rustig in blijf voelen. Op dit moment ben ik volledig arbeidsongeschikt, en hoef niets te doen voor het UWV.
Ik moet ervoor zorgen, dat ik niet te veel thuis ben, en dat ik wat om handen heb, wat ik leuk vind om te doen. Dat is dan vooral iets creatiefs.
Accepteren dat ik mezelf niet beter kan maken dan wat ik nu ben. Dat ik moet accepteren dat mijn stomme emoties me nu eenmaal in de weg zitten. Dat ik moet zorgen dat ik mijn eigen geluksgevoel krijg. Of beter gezegd, dat mijn gevoel van oké zijn langer aanwezig is, dan wat het nu is.

Door deze beslissing is er al heel wat van me afgevallen. Alsof ik weer kan ademhalen. Als of mijn middenrif weer ontspannen is. En ik heb al meer gedaan dan ik de laatste tijd deed. Op bezoek bij mijn schoonzusje, naar mijn vriendin op haar verjaardag, mijn woonkamer opnieuw ingericht zodat het wat prettiger relaxen is. Grind gehaald, voor mijn tuintje, stond ook al maaaaanden op het programma. En ineens lukt het. Het idee komt in mijn hoofd, en ik heb energie om het uit te voeren.
En nu ben ik uitgeput en heb spierpijn en weet dat ik even twee dagen niets kan, maar het voelt ok nu. Ik voel geen pressure, geen druk van buitenaf. Alleen nog de druk in mezelf. Het moeten in mezelf heeft nog wat aandacht nodig.
Voorlopig dus geen nieuwe perikelen, maar even vasthouden aan rust nemen.

Dus Roelie 😉 ik kom snel naar jullie op de camping 😀

Met aardig relaxte vriendelijke groetjes,

Mel

 

Vervolg op een rechtszaak volgen …

Theorie en praktijk. Nabestaanden mogen spreken. Ik lees eigenlijk maar een verslag van èèn persoon. In dit geval een ontdane vader die zijn ex beschuldigt van het vermoorden van hun kind.

Eigenlijk valt er niet veel over te zeggen. Een vader laat zijn advocaat vertellen hoe het hem is vergaan, en hij mag later zijn eigen brief aan de rechter voorlezen.

Dus hier een paar kern punten die bij mij telkens omhoog blijven komen.

Er is getwijfeld over zwijgrecht van de verdachte.
Er is aangegeven, dat de dochter niet als een depressief kind over kwam.
Er is aangegeven, dat de vader niet de biologische vader is.
Er is aangegeven, dat de moeder een alcohol probleem heeft.
Er is aangetoond, dat er verschil tussen bevindingen zijn van deskundigen.
Er is verteld dat de officiële rechtsgang, het opzetten van een juiste procedure vlak na het gebeuren, niet in gang is gezet.

Zwijgrecht
Wat is dat toch met zwijgrecht?
Dit zegt wikipedia:

Het zwijgrecht is onderdeel van het beginsel van nemo tenetur prodere se ipsum, wat letterlijk “niemand is gehouden tegen zichzelf (bewijs) te leveren” betekent en het beginsel van ‘nemo cogitur’ wat “niemand wordt gedwongen (tegen zichzelf bewijs te leveren)” betekent. Bovendien ligt het ook vervat in het Adagium Nemo tenetur se ipsam accusare, wat betekent “niemand is gehouden zichzelf te beschuldigen”.

Dit is een verontrustend deel van de rechtspraak. Het geeft iemand een kans om vrij uit te gaan.
En ik vat het niet. Want… als ik iets zou doen, wat fout is, dan zou ik daarvoor uit komen. En daarbij kan ik me niet voorstellen, dat ik een dergelijke situatie kom, zoals de verdachte, ondanks het dunne lijntje dat zij schetst.
In mijn optiek is de verdachte zich niet bewust van haar eigen psychische gesteldheid, dat haar kijk op de wereld niet juist gekleurd is.
Hoe leg ik dit wat beter uit.

Laat ik van mezelf uitgaan. Poeh… lastig. Ik moet me dus nu in de schoenen van de verdachte gaan plaatsen.
Ik sta op het balkon en zie mijn kind op straat liggen. Ik zou absoluut in paniek raken. Wat is er gebeurd, wat moet ik doen. En alles in mij wil naar mijn kind toe. Het is iets wat in elk mens zit, de zorg voor kinderen. Moeder of niet, het is een oergevoel. Dieren hebben dit, mensen ook.
Ik zou niet denken aan alcohol of sigaretten. Ik zou de snelste weg naar mijn kind kiezen, en rennend en half struikelend met tranen in mijn ogen bij het kind aankomen.
Dit is niet wat de verdachte moeder heeft gedaan. Waarom niet? Waar dacht ze aan? Ze geeft aan een black out te hebben. Ok, dat is voorstelbaar.
Maar waarom wil je als moeder niet weten wat er met je kind is gebeurd? Waarom wil je iets niet gereconstrueerd hebben? Duidelijkheid?
Maar ok, dat is ook iets wat niet iedereen wil weten. Maar waarom mag ze dan zwijgen over wat ze dacht en voelde? En waarom doet ze dat? Iets niet vertellen… Als iemand je iets niet wil vertellen, dan weten we allemaal, dat er iets niet pluis is. Want je wilt of jezelf of iemand anders beschermen.
Ik denk dat ik niet in staat zou zijn om te zwijgen. Ik denk dat het niet eens in mij op zou komen, dat er zoiets als zwijgrecht bestaat. Dan had ik dat van te voren al bedacht. Of dat ik er iets over gelezen zou hebben, en dat het bij me bleef, omdat ik misschien wel eens in zo’n situatie zou raken. Maar als dat zo is, dan leef ik al niet op een juiste manier, want dan ben ik al bezig met praktijken, die niet pluis zijn.

Niet depressief
Dit is best lastig. Ten eerste omdat de belevingswereld van een kind waarheid is. Zo als het kind het leven voor het eerst ziet, is de werkelijkheid. Als je moeder veel drinkt, dan doet elke moeder dat. Das normaal. Als je ouders gescheiden zijn, dan is dat normaal. Pas als het kind ouder wordt, en meer inzichten krijgt, zal het gaan opmerken dat er toch wel verschillen zijn.
Dat heet vaak dan de puber…tijd.
We weten nauwelijks hoe het kind het privé deed. We horen dingen die bij meerdere kinderen, in gelijkwaardige situaties voorkomen. En op school leek ze oké te zijn.
Wat als het kindje op school veiliger was dan in een thuis situatie, dan zou het kindje dus graag op school zijn. En zou ze dus ook plezier uitstralen.
Maar zoals ik al zei, we weten ietwat te weinig om daar een juist oordeel over te geven.

Niet biologische vader
Als niet biologische vader doet deze vader wel heel veel voor zijn dochter. Hij stopt met zijn leven, om de waarheid voor zijn kind naar boven te halen. Hij kiest er voor om met zijn gezicht in de media te komen, om aandacht voor de zaak te vragen.
Ook hij heeft wel zijn fouten gemaakt. Toch zijn het fouten, die ik zowat in elk gescheiden gezin wel zie voorkomen. Kinderen die onhandelbaar zijn, doordat twee thuisfronten niet op èèn lijn liggen. Waarbij het kind de dupe wordt, en ander gedrag gaat vertonen. En waarbij vaak niet gezien wordt, dat dit hulpvragen van kinderen zijn, want hun cognitieve brein is nog niet zover om het op een andere wijzen te zeggen.

Alcoholprobleem

Dus alcohol is in het spel. Het is een goedje, dat veel problemen kan veroorzaken, doordat mensen anders gaan reageren. De èèn wordt een grappig persoon, de ander wil naar bed want is moe, weer een ander wordt boos op alles en nog wat, en er zijn mensen die dingen vergeten die ze doen als ze alcohol nuttigen.
De verdachte begrijpt nu zelf ook, dat ze een probleem heeft met deze drug. En heeft aangegeven, dat ze hiervoor behandeling wil.
Maar ik heb niet de vraag gehoord, of ze dingen vergeet als ze gedronken heeft. Wel dat ze een kwade dronk heeft. Dat ze boos wordt en zelfs kan terug slaan als iemand haar slaat.

Deskundigen
Als forensisch deskundigen niet met elkaar eens zijn, dan wil ik toch erg graag weten waarom niet.
Want we hebben het hier toch over wetenschap? In mijn ogen is wetenschap een manier om alles zo feitelijk mogelijk te kunnen neerleggen. Dat je niets aanneemt, als het niet voldoende getoetst is. Dat je durft te zeggen, dat je iets niet kan uitsluiten, omdat niet alle gegevens aanwezig zijn. Helderheid.
Ik las in de verslagen dan ook een hele leuke zin:

Vraag een wetenschapper niet of het kan, maar of het waarschijnlijk is.

Maar doordat ik de verslagen van de deskundigen niet heb kunnen inkijken, en niet precies weet, waar hun oneens zijn over gaat, blijft dit voor mij ook een openstaande vraag.

Juiste procedure opstarten

Gelukkig zijn er binnen de instanties zelf ook mensen, die hier vraagtekens bij zetten. Want hoe is het mogelijk, dat er geen procedure opgestart is, terwijl dit bij dit soort specifieke gevallen, altijd moet gebeuren?
En ja, ik scheer nu elke instantie over èèn kam, omdat het niet bij 1 organisatie voorkomt, maar zo goed als bij heel veel eigenlijk.
Want wie zou eigenlijk terecht moeten staan in deze?

Waar was de hulp voor de tijd? Waar was de hulp tijdens? Waar is de hulp nu?
Ik lees politiek correcte antwoorden, maar niemand die zegt; “Wij moeten als organisatie intern goed gaan uitzoeken, waarom dit gebeurt, en niet alleen bij èèn zaak, maar bij alle zaken die zijn geweest, er zijn, en er komen. Dat heet leren van de fouten die je maakt. Niet het wegstoppen en verdoezelen ervan.
Het is niet erg om een fout te maken, maar het is wel erg om een fout te laten gebeuren, omdat je niet keek naar de voorgaande fouten.
En in mijn optiek gaat het weer over de ego van een medewerker tegenover de juiste actie naar een hulpvrager.

Het is makkelijk om een persoon te veroordelen, dan een bedrijf. En hoe groter het bedrijf, hoe lastiger het is, de verantwoordelijken te vinden. Ze verschuilen zich achter het bedrijf, en zijn daardoor veilig.
Ik vind dit niet terecht. Niet in een zaak als deze. Maar eigenlijk in elke zaak niet.
Als ik allemaal hoor wat sommige professionals uitkramen tegen cliënten, gaan mijn nekharen overeind staan. Maar dit soort dingen lees en hoor je niet terug.
En al helemaal niet wat ze allemaal voorstellen, om een gezin onnodig uit elkaar te trekken. Er ligt hier nog genoeg om verbeterd te worden.

Maandag wordt de rechtszaak vervolgt met de requisitoir.

Een requisitoir is een voordracht gehouden door de officier van justitie (Nederland) of de procureur des Konings (België) tijdens een strafrechtelijk proces. Het openbaar ministerie geeft hier zijn mening over de feiten al dan niet gepleegd door de verdachte en de bewijsvoering.

De eis die staat is: 30 jaar voor moord, en een geldbedrag voor de vader.
Ik denk dat er onvoldoende bewijs is voor moord. Misschien dat ze wel straf krijgt voor nalatigheid.  Door dat ze door haar alcoholprobleem, niet adequaat heeft kunnen reageren, en doordat ze meerdere malen haar dochter in een niet veilige situatie heeft achtergelaten, om zelf tot rust te komen.
Ik denk niet dat de vader een schade vergoeding krijgt voor het geleden leed.
Ik weet niet zo goed uit te leggen, waarom ik dit denk. Het is een gevoel.
Maar maandag horen we, wat er gaat gebeuren met de eis en het bedrag, en dan zal het wachten zijn op de daadwerkelijke rechtspraak. Tenminste, dat denk ik zo als leek zijnde.

Nu het weekend in… 😀

Met een vriendelijke groet,

Mel

Een rechtszaak volgen…

Eigenlijk had ik dat nog nooit gedaan, een rechtszaak volgen. En eigenlijk vooral hoe het tijdens zo’n proces gaat in een rechtbank. Heel intrigerend en interessant. Ik volg het via een liveblog. Dit is natuurlijk niet geheel hetzelfde, want ik kan niet de uitdrukkingen zien, en ik hoor (lees) niet alles wat er gezegd wordt, of wat ze laten zien.

Ik volg drie verslaggevers. Alle drie hebben ze een eigen benadering. De èèn is feitelijk, de ander is wat minder feitelijk, door bepaalde dingen weg te laten. Een ander schrijft weer vanuit gevoel. Hoe mensen reageren. Emoties.
Hun verslagen zijn gelijk als het geen wat gezegd is, letterlijk is overgenomen. Maar ook zie je dat er een eigen interpretatie van de gesproken woorden wordt gemaakt. Wat toch weer goed aansluit bij wat de feitelijke waarnemingen weergeven.

Twee dagen rechtbank zijn voorbij. Er werd gesproken met deskundigen, en met de verdachte. Best jammer om niet in de zaal te zijn bij de deskundigen. Want ze weerleggen heel veel interessante dingen. En dat is vaak zodanig ingewikkeld, dat daar moeilijk een verslag van te schrijven is.

Vandaag werd de persoonlijke kant van de verdachte besproken. Morgen mogen de nabestaanden spreken.
Omdat ik er niet fysiek bij ben, vraag ik me toch steeds meer af. Waarom wordt er niet doorgegaan op bepaalde zaken, waar ik toch vraagtekens bij heb.
Waarom laten ze de verdachte … ja hoe zeg ik dit… Dat zwijgrecht om te praten over het moment van het gebeuren.
Ook interpreteer ik reacties van de verdachte op een manier, waarbij ik me afvraag, of deze interpretatie ook bij anderen aanwezig is. Maar dat kan ik er niet uit opmaken. Beetje lastig dus, als je alleen een verslag kan lezen, en er niet echt bij bent.

Door het liveblog verslag krijg ik een negatief beeld van de verdachte. Ik voel dat ik bevooroordeeld raak. Daar moet ik voor oppassen. Want ik ken de verdachte niet, maar begrijp inmiddels wel, dat de verdachte problemen in het leven heeft, die niet makkelijk zijn geweest. En waardoor een mens er aan onderdoor kan gaan.
Er wordt gesproken over alcoholproblemen. De verdachte geeft aan, langzamer hand te begrijpen dat dat een probleem is. De verdachte staat open voor hulp.

Mijn vraag… Als de verdachte nu langzamerhand begint te begrijpen, dat er problemen zijn die opgelost moeten worden, wat heeft de verdachte dan eerder ook niet ingezien?
De verdachte lijkt naïef over te komen, door zich als slachtoffer te presenteren. Dit lijkt voor mij niet op een toneelstukje, maar iets wat echt vanuit de persoon zelf komt. Irritaties over objecten en mensen in de rechtszaal. Het lijkt of de persoon zich niet realiseert dat er een situatie is, die niet normaal is. Dat futiliteiten beter genegeerd kunnen worden. Maar ook het onbegrip over de ernst van de situatie. Het wel zeggen het te weten, maar zich er niet zo naar gedragen.

Maar goed, buiten de verdachte om, komen er ook andere dingen omhoog. Vraagtekens van medewerkers zelf, van instanties. Vraagtekens over waarom bepaalde zaken niet zijn geregistreerd. Waarom bepaalde onderzoeken niet zijn gestart. Deskundigen die het niet eens zijn met elkaars bevindingen. Poeh, best verontrustend allemaal.

Ook lees ik sommige reacties op de verslagen. En hier is er eentje van een, in mijn ogen, naïef persoon. Het is een soort berichtje wat ik wel vaker tegen kom, en elke keer een beetje om moet lachen, omdat het vaak een persoon betreft, die het goed bedoelt, maar door zijn/haar opmerking zich zelf erg te kort doet, zeg maar.

Het gaat dan ongeveer zo:
* Een text over hetgeen waar de rechtszaak over gaat. Een zaak over een kind dat is overleden. Er wordt gesproken over wat er zoal is gebeurd. *
Reacties:
– Persoon 1 – :
Waarom lezen mensen dit soort dingen. Mensen die dit volgen zijn ook ziek.
– Persoon 2 – :
Jij leest dit ook, dus dan ben jij ook ziek?
– Persoon 1 – :
Ik kwam hier via een link van een nieuwswebsite, en zag de reacties, en vind het zorgelijk dat er een sensatie gemaakt wordt van zo’n trieste zaak.
– Persoon 2 – :
Maar waarom lees jij het dan? En waarom reageer je dan? Dan ben jij toch ook èèn van de mensen die sensatie zoekt?
– Persoon 1 – :
Jij moet zo’n ziek persoon zijn, door mijn woorden te verdaaien!
– Persoon 2 – :
Nee hoor, ik volg deze zaak op professioneel gebied. Waarbij ik graag reacties lees van mensen met verschillende meningen. En zodra je een reactie geeft, mag je een reactie terug verwachten. Het is niet zo, dat als je iets zegt, dat anderen dat maar moeten slikken. Dus als je moeite hebt met dit soort onderwerpen met hun reacties, kun je beter ervoor zorgen, dat je ze niet gaat lezen. Vriendelijk bedoeld.
– Persoon 1 – :
(Geen reactie meer)

Ik zal zelf dan ook niet snel een reactie plaatsen. Wetende dat je een reactie terug kan verwachten. En ik niet graag in discussie ga met iemand met een andere mening, omdat ik zijn of haar mening niet wil veranderen, maar ze moeten ook niet proberen mijn mening te veranderen, als ik daar een grote zekerheid voor heb. Ik lees de meeste reacties ook niet, omdat er vaak reacties tussen staan van mensen die iets te snel reageren, of die bevooroordelen.
En dan heb je nog de trollen van het internet, waar helemaal niemand op zitten te wachten. En dat is dan ook de reden, dat veel dingen niet openbaar zouden moeten zijn.

Het zit in de mens om nieuwsgierig te zijn. We willen, van onderwerpen die ons interesseren, het naadje van de kous weten. En wat we willen weten over een bepaald onderwerp, verschilt ook weer van persoon. Daarbij heeft iedereen een mening. En wie bepaalt dat een mening juist is? Wie bepaalt wat ok is of niet? De maatschappij? De wereld? Een land? Een groep aangewezen personen? Een geloof? Je ouders? Je vrienden?

Stel dat je in een land wordt geboren, waarbij het vermoorden van mensen normaal is. Stel je voor, dat je iemand kan vermoorden, zonder dat je het wat doet. Dat is voor veel mensen lastig voor te stellen. Want wat wij weten is, dat een mens nu eenmaal gevoel heeft. En de dood van iemand kan verdriet met zich meebrengen. Dus ooit zijn er normen en waarden ontstaan, waarbij wij in het algemeen vinden, dat iemand vermoorden niet oké is. Het is een mening. Iets wat wij vinden. Maar natuurgewijs gezien is het geen wet. Een dergelijke wet zien we namelijk niet onder de dieren. Dieren gaan niet naar de gevangenis als ze een soortgenoot om het loodje hebben gelegd. Nee, dan komen er een groep soortgenoten gewoon gezellig mee doen.

Wij zijn als mensen op een wijze geëvolueerd, dat we normen en waarden hebben. Dit om onze gevoelens te beschermen. Dit zie je in elk land terug. Niet liegen, niet slaan, niet stelen, niet moorden. Als we dit elkaar aandoen, dan krijgen we  van iemand te horen dat het niet oké is. Op dat moment weet je dat je iets hebt gedaan wat buiten de algemene normen en waarden staat.

Zonder rechtspraak, zouden we iemand bestraffen op een wijze, die voor ons gevoel het meest gepast is. Kinderen doen het als volgt. Een kind slaat een ander kind omdat hij het autootje heeft afgepakt waarmee het aan het spelen was. Het ander kind denkt niet: ” Ik moet dit incasseren, want ik was degene die ongevraagd iets  heeft afgepakt.” Welnee, het kind draait zich om en slaat terug. Want het enige wat dat kind heeft gevoeld, dat het is geslagen door een ander kind. Het kan nog niet verder denken dan dat.

De kinderen leren vanzelf, dat als ze met iets aan het spelen zijn, het niet leuk is, dat een ander dat zomaar afpakt. De ouders leren de kinderen dat ze moeten vragen.
Echter, dit simpele voorbeeld kan vertaald worden naar ingewikkelde situaties in een volwassenewereld.
We zien nog vaak genoeg gebeuren, dat twee mensen in een supermarkt ruzie maken om wie het karretje het eerst had, of wie het laatste product krijgt, of wie het eerst bij de kassa was. Oftwel, volwassenen die vechten om een autootje.
Het ingewikkelde zit het in de redenen. Waarom wil iemand vechten om een ‘ding’.
En dan denk ik, mmmmmmh…. ik heb ook wel eens in een slechte bui iemand niet voor laten gaan, of het laatste product gepakt. En daar geen sorry voor gezegd. En ik kan je vertellen, zo ben ik niet opgevoed :S

Dat maakt ons mensen onvoorspelbaar. We kunnen terugvallen in een kinderlijk gedrag, zodra we ons niet optimaal voelen. We willen dan een simpele ongecompliceerde oplossing. Ik wil… punt. Ik laat dan wat normen en waarden varen, omdat ik het even niet trek.
Maar bepaalde normen en waarden zal ik persoonlijk niet overschrijden. Ik weet van mezelf, dat ik bepaalde situaties vermijd, waar gevaar is, en veiligheid voor mij of voor anderen op het spel staan. Dat is een norm en waarde die voor mij belangrijk is. En zo zijn er veel mensen, die zich niet zullen begeven in bepaalde kringen, omdat ze dan ook moet accepteren, dat er de bekende onprettige consequenties zijn.

Vanuit deze normen en waarden beoordelen we anderen. En bij een rechtszaak heb je dan een groep personen, die is samengesteld door mensen. Mensen die volgens hun diploma en ervaring recht van spreken hebben. Mensen die een persoonlijke wereld hebben waar eigenlijk niets over bekend is. Wat zijn hun normen en waarden? Hoe staan ze in het leven. Wat hebben ze persoonlijk meegemaakt? Hoe is hun levensbril gekleurd door hun eigen persoonlijke leven?

Twee dagen meelezen met een liveblog, en ik krijg zoveel vragen.
Morgen spreken de nabestaanden. Ik ben nieuwsgierig. Wat gaat er gezegd worden? Komt er nog meer boven water? Wat zullen de emoties zijn?

Ik denk dat ik nog niet alles heb gezegd, maar voor nu stop ik er even mee.

Met een oprecht vriendelijke groet,

Melanie